08 december 2009

Kippensoep tegen griep

Half Nederland lijkt geveld door de griep, al dan niet Mexicaans. De andere helft is onderweg om snipverkouden te worden, of is net herstellende. Tijd voor een krachtig kippensoepje, want dat helpt serieus tegen snotneuzen en algehele slapte. Blijkt uit recent onderzoek.

Al eeuwen geven Joodse moeders hun kroost een ‘kobbie kibbesoeb’ bij griep en naderende verkoudheid. Ook mensen die na een ziekteperiode weer moeten aansterken, krijgen steevast een krachtige kippensoep voorgeschoteld. Dát het werkt, dit klassieke huismiddel met de bijnaam Joodse penicilline, weet iedereen die het ooit heeft geprobeerd. Je gaat er flink van zweten, je neus gaat open, slijm komt los en zelfs de zwakste maag kan vaak kippensoep verdragen.

Waaróm het precies werkt, dat was niet duidelijk, tot voor kort. Twee wetenschappelijke teams, een Duits en een Amerikaans, hebben zich vastgebeten in de medicinale werking van kippensoep. Ja heus. Mits gekookt met groenten werkt de soep ontstekingswerend, constateerden de Amerikanen in hun laboratorium. De Duitsers toonden aan dat het drinken van kleine teugjes hete kippensoep het neusvlies vochtig en de neus slijmvrij maakt. Dankzij het aantoonbaar slijmoplossend vermogen kunnen virussen uit de luchtwegen worden weggehoest en weggesnoten. Je ziet al voor je hoe het er tijdens dat onderzoek, ongetwijfeld gesponsord door Kleenex, aan toe ging. Hátsjoe! Gezondheid!

Aan dit medicinale kippensoepje (zie recept) zijn bekende natuurlijke verkoudheidsbestrijders toegevoegd. Denk aan rode peper (een schep sambal werkt ook!), specerijen, verse gemberwortel, knoflook en ui. De kracht komt van een stevige soepkip die al flink wat kilometers op de teller heeft. Een langzaam groeiende, wat oudere kip geeft misschien taaier vlees, maar ook veel meer kracht en smaak. Ons lichaam kan de voedzame gelatine uit de botten makkelijk opnemen. Een echte soepkip weegt wel 3 kilo. Dat is voor het gemiddelde huisgezin teveel. Gelukkig verkoopt de poelier ook halve. En kan je geen soepkip krijgen, neem dan een hele, liefst biologische, kip waarvan het vlees wat malser is. Wel weer lekker voor de restverwerking. Je kunt er lekkere ragout mee maken, of tortilla gevuld met kip, salsa en gebakken uien. Of frisse kipkerrie salade met appel en rode paprika.
Met de hartige soep brengen we onze minerale huishouding weer op peil. Een scheutje citroensap in de kippensoep is typisch Grieks. Persoonlijk vind ik dat wel lekker, het maakt hem net iets minder zwaar van smaak. En je krijgt nog wat gezonde vitamine C binnen ook.


RECEPT

Versterkende kippensoep
(voor ca. 3,5 liter soep, begin dag tevoren)

halve soepkip (ca. 1,5 kilo)
1 ui met schil
8 kruidnagels
stukje gemberwortel (ca. 2 cm)
1 rood pepertje
1 theelepel gemalen foelie
1 teen knoflook in schil, geplet
2 laurierbladen, takje rozemarijn
1 stengel bleekselderij
1 flinke prei
4 lente-uitjes
1 bosje peterselie
versgemalen peper en zout
halve eetlepel vers citroensap
nestje vermicelli

Was halve kip, verdeel eventueel in twee stukken. Leg in grote maar goed omsluitende pan. Vul met koud water zodat kip net onder staat. Was ui, prik er gaatjes in en steek daar kruidnagels in. De schil geeft kleur aan de soep. Snijd bleekselderij, halve winterwortel, groen en lelijke bladen van prei en lente-uitjes (bewaar mooie deel) in stukken. Halveer pepertje, verwijder pitjes, doe één helft in pan. Schil gemberwortel, doe schillen in pan, en bewaar de rest. Voeg peterseliestelen, knoflook, laurier, rozemarijn, foelie, peper en flink zout toe. Zet op klein pitje, laat heel langzaam net niet aan het kookpunt komen. Doe deksel erop, schuif er een sudderplaatje onder en draai vuur zo laag mogelijk. Laat zeker 3 uur sudderen (hoe langer hoe beter). Neem pan van vuur en laat met kip erin een nachtje afkoelen, zodat de smaken optimaal intrekken.
Schep met schuimspaan vet van de bovenkant. Haal kip eruit, verwijder vel en pluis vlees eraf. Bewaar afgesloten in koelkast. Schenk bouillon door een fijne zeef. Gooi restanten weg. Verhit bouillon.
Afronding: Snijd prei en lente-ui in dunne ringetjes. Snipper half rood pepertje en gemberwortel ragfijn. Voeg toe aan hete bouillon, samen met fijngeknepen
vermicelli. Houd ca. 20 minuten tegen de kook, voeg kleine stukjes kip en citroensap toe. Proef en breng op smaak met peper en zout. Hak peterselie, roer dat er op het laatst doorheen. Serveer soep stomend heet.

Tip. Snelle variant: gaar een dubbele kipfilet in bouillon gemaakt van blokjes. Pik recept op bij ‘afronding'.

Bij de foto:
Alles voor een verkoudheidremmende kippensoep
Foto Karel de Vos

Labels: , , ,

10 december 2008

Knolselderij, mooi van lelijkheid

Laten we eerlijk zijn, moeders mooiste is hij niet, de knolselderij, met z’n smoezelig bleke huid en roestbruine vlekken. Van boven gaat het nog, als er tenminste zo’n fris toefje groen op zit. Bekijk je de onderkant, met dat kronkelige wortelstelsel waartussen klontjes aarde blijven kleven, dan denk je toch niet gelijk: há lekker! Toch, zo grof als hij van buiten lijkt, zo verfijnd is zijn smaak en zo verrassend zijn z´n culinaire mogelijkheden.

De Engelsen hebben er een geweldige uitdrukking voor ´You can´t judge a book by its cover´. Je kan een boek (mens, dier, ding) niet beoordelen op z’n buitenkant. Om er echt iets over te kunnen zeggen, zul je toch echt je tanden in het binnenwerk moeten zetten. In overdrachtelijke zin bedoeld dan. Hoewel, in het geval van de selderijknol mag je dat best letterlijk nemen.
Rauw raad ik af, maar in dunne reepjes gesneden en eventjes licht geblancheerd (kort onderdompelen in kokend water) vormt knolselderij al een fris knapperige basis voor bijvoorbeeld selderijsalade. Heerlijk met partjes mandarijn! Of gemengd met geraspte wortel en appel. De beroemde Waldorfsalade, een klassieker uit Amerika, combineert knolselderij met frisse appel, walnoten en een lichte mayonaisedressing.
In blokjes gesneden en zachtjes gestoofd is het een heerlijke, lichtverteerbare wintergroente, die je eventueel met een romige saus, of onder een laagje gegratineerde kaas kunt serveren. Tip: wat je er ook mee doet, besprenkel gesneden knolselderij altijd met wat citroensap of doe een beetje door het kookwater, tegen het verkleuren.
Knolselderij is natuurlijk de koning van de erwtensoep. Hij geeft die toch behoorlijk machtige soep net iets van lichtheid. Ik mis hem echt, als hij er niet in zit.
Hutspot wordt er lekker fris van, als je een deel van de aardappels vervangt door stukken knolselderij en die er na het koken, samen met de wortelen en uien doorheen stampt. En een puree van half aardappel half knolselderij smaakt heel verfijnd bij wildgerechten, of dat nou hazenpeper is of gebakken hertenbiefstuk.
Je kunt die onelegante knol ook in plakken snijden en zachtjes bakken in de koekenpan. In vegetarische kringen staat gebakken knolselderij al bijna een eeuw bekend als lekkere vleesvervanger. Ik kan het weten want mijn inmiddels lang overleden opa en oma waren in hun idealistische jonge jaren niet alleen van de blauwe knoop (geheelonthouders) maar bovendien vegetariërs. Idealist zijn ze gebleven tot aan hun dood, maar die blauwe knoop hebben ze al vrij snel laten varen -opa lustte zijn ouwe klare- en een lekker stukje vlees op z’n tijd konden ze later ook best waarderen. Toch zijn ze altijd die lekkere vegetarische gerechten blijven maken. Zo serveerden ze bij de boerenkoolstamppot niet alleen worst maar ook heerlijke knapperige selderijkoekjes, waaraan ik nog steeds warme herinneringen bewaar. Lekker, licht verteerbaar en gezond vanwege z’n hoge gehalte aan ijzer, calcium, natrium en vitamine C. En niet duur want zo’n knol kost een habbekrats in deze tijd van het jaar. Ik geef u het recept. Probeer zelf maar eens, smullen!

Knolselderij-koekjes
Voor 6 tot 8 personen

1 middelgrote harde selderijknol
1 grote ui
1 ei
½ eetlepel kerriepoeder
versgemalen peper en zout
ca. 10 eetlepels bloem
100 gram bakboter of margarine

Snijd met een flink mes onder- en bovenkant van de knol en schil hem dik. Wees vooral bij de wortelige onderkant niet zuinig. Snijd in dikke plakken en rasp die op een grove schaaf, of met behulp van de keukenmachine. Het resultaat moet een berg selderijsliertjes zijn. Pel ui en rasp die ook. Vermeng met selderij, kerrie, peper, zout en losgeklopt ei. Voeg nu op gevoel zoveel gezeefde bloem toe, dat een licht vochtig beslag ontstaat. Vorm koekjes met een doorsnee van circa 6 cm tussen de handpalmen.
Smelt bakboter in een grote koekenpan en bak de selderijkoekjes op een rustig vuur goudbruin en knapperig aan de randen. Druk tijdens het bakken een beetje plat met een pannenkoekmes of spatel. Bak in meerdere shifts. Serveer koekjes warm, bijvoorbeeld bij boerenkool of erwtensoep.

Tip: Je kunt ze goed vooraf maken. Leg lichtgebakken koekjes dan op een ingevette bakplaat en zet ze vlak voor serveren 6 tot 8 minuten in een voorverwarmde oven op 180 graden.
Trouwens, ook koud zijn ze erg lekker. Plakje gerookte zalm erop, dotje zure room, toefje groene dille en je hebt een heerlijk voorgerechtje!

Labels: , ,